|
Osteopaten
dagvaarden Belgische staat voor nalatigheid In 1999
werd de osteopathie (samen met onder meer de chiropraxie) door de Belgische
staat erkend als aanvullende geneeswijze (niet-conventionele praktijk). De
kaderwet kwam tot stand onder het ministerschap van Marcel Colla, van
SPA-signatuur. Doel van de wet was een feitelijke toestand te legaliseren en
de patiënt te beschermen tegen misbruiken. En daar wringt
het schoentje. Misbruiken kunnen maar beteugeld worden als de toegang tot en
de uitoefening van het beroep van osteopaat gereglementeerd zijn. Na 9 jaar
is daar nog steeds geen sprake van. Gelijk wie kan zich dus nog altijd de
titel van osteopaat aanmeten. Omdat er nog altijd geen uitvoeringsbesluiten
zijn, is de Wet Colla tot nu toe immers dode letter gebleven. Met alle
risico’s van dien voor de patiënt. In een
tijdperk waarin een interim-minister tijdens haar korte mandaat het beroep
van tabacoloog kan uitvinden en reglementeren, lijken osteopaten nu terecht
uit hun krammen te schieten. Hoog tijd “Het is de
grondwettelijke taak en plicht van de regering en haar ministers om werk te
maken van een degelijke reglementering”, zegt Grégoire Lason,
Co-directeur van The International Academy of Osteopathy (IAO) en één van de
woordvoerders van de initiatiefnemers. Dat zijn de IAO zelf en het ROB, de
beroepsvereniging, Register voor de Osteopaten van België. “Het enige waar
minister Jef Tavernier toe kwam was een erkenning van de beroepsverenigingen
in 2003 op voorzet van Magda Aelvoet. Dat is ondermaats qua reglementering!
Dit is hét moment om dit hiaat aan te kaarten: de
installatie van een regering die beweert te staan voor ‘Goed bestuur’. Wel,
dat de bevoegde ministers dan maar aantonen dat de veiligheid en het welbevinden
van patiënten hen aan het hart liggen. Vandaag de dag doet al 1 op 4 mensen
wel eens beroep op een osteopaat en dat aantal blijft stijgen. Er moet nú
werk gemaakt worden van de uitvoeringsbesluiten van de Wet Colla uit 1999.
Alle ‘diplomatieke’ pogingen die we in die richting ondernamen leidden tot
niets. Dus moeten we andere middelen uit de kast halen.” Aldus nog een
geërgerde Grégoire Lason. Ziekenfondsen
bepalen zelf criteria voor “erkenning” In 1999
besloten de grote mutualiteiten al snel de Osteopathische prestaties
gedeeltelijk terug te betalen in het kader van de aanvullende verzekering.
Osteopaten en patiënten beschouwden dit als een stilzwijgende erkenning.
Echter, dat ziekenfondsen zelf de regels moeten bepalen over welke
therapeuten in aanmerking komen voor terugbetaling is, om zijn zachtst
uitgedrukt, ondemocratisch. De ‘leegheid’ van de wet leidde zo tot eisen van
allerlei therapeuten die niet beantwoorden aan de criteria van de erkende
beroepsverenigingen van osteopaten. “Paradoxaal genoeg,
leidde de wet dus in bepaalde gevallen tot de terugbetaling van
niet-gekwalificeerde prestaties,” zegt Philippe Cheval, voorzitter van
het ROB. “Dat strookt dus alles behalve met het doel van de Wet Colla en het
is zeker niet ten voordele van de belangrijkste betrokkene: de patiënt.” Matig
eensgezind Waren de
verschillende beroepsverenigingen erin geslaagd een grootste gemene deler te
vinden en een waardige gesprekpartner te vormen voor goedwillige
beleidsvoerders, vandaag lijdt het totale gebrek aan interesse van de staat
weer tot verdeeldheid. “Verdeel-en-heersattitudes zijn niet ondenkbaar. Hoe
langer het invullen van de wet Colla uitblijft, hoe groter de kans dat er
uiteindelijk ondoordachte en onwerkbare regels van komen, zoals dat
bijvoorbeeld het geval was in buurland Frankrijk. En dat is alles behalve
goed voor de kwaliteit van de osteopathie en schaadt de belangen en de
gezondheid van de patiënt”, waarschuwt Philippe Cheval. Hij wil voor
België hetzelfde als wat zich in de jaren ’90 in Groot-Brittannië afspeelde:
daar nam één beroepsvereniging het voortouw en trok
daardoor de kwaliteit van de osteopathie op tot academisch niveau. Oplossingen De osteopaten
houden het niet bij klagen alleen. Ze komen ook met oplossingen. Daarvoor
verzamelden ze best practices uit andere landen. Uit Groot-Brittannië
bijvoorbeeld, een EU-lidstaat waar de osteopathie al jaren tot in de puntjes
geregeld is. Tot en met de erkenning van opleidingen en de homologatie van bachelor
en master diploma’s voor osteopaten. De initiatiefnemers van de
dagvaarding bundelden de richtlijnen van de Osteopathic International
Alliance (OIA). Bovendien werkt ook de World Health Organisation
(WHO of Wereldgezondheidsorganisatie) in samenspraak met de World
Osteopathic Health Organisation (WOHO) aan een kwaliteitsdocument voor
osteopathie. De Belgische osteopaten volgen dit met argusogen. “In België is
de IAO de enige school die voldoet aan de minimum
normen die gelden in grote delen van de Angelsaksische wereld”, verzucht Grégoire
Lason. “Het is hoog tijd dat ook de Belgische staat zijn kwaliteitsnormen
stelt.” Meer
info via §
The
International Academy of Osteopathy (IAO), Klein Dokkaai 3-5, 9000 Gent, 09
233 04 03, www.osteopathie.eu §
Register
voor de Osteopaten van België (ROB), Fuchsiasstraat 11, 1080 Brussel, 02 414
64 89, www.osteo-rob.be Woordvoerders §
Grégoire
Lason, Co-directeur IAO, lason@osteopathie.eu,
0475 46 35 91 §
Philippe
Cheval, Voorzitter ROB, philippe.cheval@osteo-rob.be,
0476 40 95 27 Beiden DO-MROB, Bachelor of
Sciences with honours in Osteopathic Medicine (B. Sc. (hons) Ost. Med.) |
25.05.2008 Les ostéopathes assignent l’Etat belge pour négligence L’ostéopathie
(ainsi que la chiropraxie, entre autres) a été reconnue en 1999 par l’Etat
belge en tant que thérapie complémentaire (Pratique non-conventionnelle). La loi-cadre a vu
le jour sous le portefeuille du ministre Marcel Colla, du sp.a. L’objectif de
la loi était de légaliser une situation de fait et de protéger le patient
contre les abus. Et c’est là que le bât blesse. Les abus ne peuvent être
réprimés que si l’accès à et l’exercice de la profession d’ostéopathe, sont
réglementés. Et cela n’est toujours pas le cas après 9 ans. N’importe qui
peut donc s’octroyer le titre d’ostéopathe. Parce qu’il n’y a toujours pas
d’arrêtés d’exécution, la loi Colla est en effet jusqu’ici restée lettre
morte. Avec tous les risques qui s’ensuivent pour le patient. À une époque où un ministre ad intérim peut, pendant
son bref mandat, inventer et réglementer la profession de tabacologue, il
n’est que normal que les ostéopathes finissent par sortir de leurs gonds. Plus que temps “Il relève de la tâche et du devoir constitutionnel du
gouvernement et de ses ministres de s’atteler à une réglementation sérieuse,”
affirme Grégoire Lason, codirecteur
de ‘The International Academy of Osteopathy’ (IAO) et l’un des porte-paroles
des initiateurs du projet. En l’occurence l’IAO proprement dite et le ROB
(Registre des Ostéopathes de Belgique), l’Union Professionnelle. Grégoire Lason précise encore avec
irritation : “La seule chose à laquelle le ministre Jef Tavernier est
arrivé est la reconnaissance des associations professionnelles en 2003, à la
demande expresse de Magda Aelvoet. Un résultat médiocre pour ce qui est de la
réglementation ! Le moment semble venu de combler cette lacune :
l’installation d’un gouvernement qui prétend défendre la ‘bonne gouvernance’.
Eh bien, que les ministres compétents démontrent que la sécurité et le
bien-être des patients leur tiennent à cœur. De nos jours, 1 personne sur 4
fait déjà appel à un ostéopathe, et ce nombre ne cesse d’augmenter. Il est
nécessaire aujourd’hui de s’occuper des arrêtés d’exécution de la loi Colla
de 1999. Toutes les tentatives ‘diplomatiques’ que nous avons faites en ce
sens, n’ont mené à rien. Nous devons donc utiliser d’autres moyens.” Les mutualités
fixent elles-mêmes les critères d’“agréation” En 1999, les grandes mutualités ont rapidement décidé
de rembourser une partie des prestations ostéopathiques dans le cadre de
l’assurance complémentaire. Les ostéopathes et les patients ont considéré
cette décision comme une reconnaissance tacite. Toutefois, le fait que les
mutualités doivent fixer elles-mêmes les règles quant à savoir quels
thérapeutes entrent en considération pour le remboursement est - c’est le
moins qu’on puisse dire -, tout à fait antidémocratique. Le « vide
juridique » a ainsi conduit à des exigences de toutes sortes de
thérapeutes qui ne répondent pas aux critères des associations agréées
d’ostéopathes. “Assez paradoxalement, la « loi » a donc
conduit dans certains cas au remboursement de prestations non qualifiées,”
affirme Philippe Cheval, président
du ROB. “Ce qui ne correspond pas du tout à l’objectif de la loi Colla et ne
profite certainement pas au principal intéressé, c’est-à-dire le patient.” Unanimité modérée Si les différentes associations professionnelles
étaient parvenues à trouver le plus grand dénominateur commun et à constituer
un interlocuteur crédible pour certains décideurs politiques bien
intentionnés, l’absence totale d’intérêt de l’Etat entraîne à nouveau des
divergences aujourd’hui. “Des attitudes dans le style de ‘diviser pour
régner’, ne sont pas à exclure. Plus l’application de la loi Colla se fait
attendre, plus le risque est grand de voir apparaître des règles irréfléchies
et inacceptables, comme cela a par exemple été le cas chez nos voisins en
France. Ce qui ne fait que nuire à la qualité de l’ostéopathie, ainsi qu’aux
intérêts et à la santé du patient”, prévient Philippe Cheval. Il veut pour la Belgique ce qui s’est déjà
produit en Grande-Bretagne dans les années ’90 : là-bas, une seule
association professionnelle a pris l’initiative et a de ce fait hissé la
qualité de l’ostéopathie jusqu’au niveau académique. Solutions Les ostéopathes ne se contentent pas de se plaindre.
Ils proposent aussi des solutions. C’est la raison pour laquelle ils ont
rassemblé les meilleures pratiques « best practices » d’autres pays.
Comme le Royaume-Uni, par exemple, un Etat membre de l’Union européenne où
l’ostéopathie est depuis des années déjà organisée jusque dans les moindres
détails. Jusque et y compris la reconnaissance des formations et l’homologation
des diplômes de bachelor et master pour les ostéopathes. Les
initiateurs de l’assignation de l’Etat belge ont regroupé les directives de
l’Osteopathic International Alliance
(OIA). La World Health Organisation
(WHO ou Organisation mondiale de la Santé) œuvre également, en concertation
avec la World Osteopathic Health
Organisation (WOHO), à un document de qualité pour l’ostéopathie. Les
ostéopathes belges suivent cela avec le plus grand intérêt. “En Belgique, l’IAO est la seule école qui satisfait
aux normes minimums en vigueur dans une grande partie du monde anglo-saxon,”
ajoute Grégoire Lason qui
conclut : “Il est grand temps que l’Etat belge fixe lui aussi ses normes
de qualité.” Plus d’infos via §
The International Academy of Osteopathy (IAO), Klein
Dokkaai 3-5, 9000 Gent, 09/233.04.03, www.osteopathie.eu §
Registre des Ostéopathes de Belgique (ROB), Rue des
Fuchsias 11, 1080 Bruxelles, 02/414.64.89, www.osteo-rob.be Porte-paroles §
Philippe Cheval, Président du ROB,
philippe.cheval@osteo-rob.be, 0476/40.95.27 §
Grégoire Lason, codirecteur de l’IAO, lason@osteopathie.eu, 0475/46.35.91 Tous deux DO-MROB,
Bachelor of Sciences with honours in Osteopathic Medicine (B. Sc. (hons) Ost.
Med.) |
|
Moeten
osteopaten nóg 7 jaar wachten op invulling van hun erkenning? Brussel, 30
mei 2008 – Zopas verscheen de
Belgische staat, vertegenwoordigd door Meester Erlinde de Lange van het
Brusselse advocatenkantoor Xirius, voor de rechtbank van eerste aanleg in
Brussel. Ze was daartoe gedagvaard door de osteopaten van de IAO en het ROB
voor nalatigheid. De osteopaten lieten zich bijstaan door de Meesters Sophie
Lippens en Ben Hermans, advocaten van de groep Monard-D’Hulst. In 1999 werd de
osteopathie (samen met onder meer de chiropraxie) door de Belgische staat
erkend als aanvullende geneeswijze (niet-conventionele praktijk). De kaderwet
kwam tot stand onder het ministerschap van Marcel Colla, van SPA-signatuur.
Doel van de wet was een feitelijke toestand te legaliseren en de patiënt te
beschermen tegen misbruiken. Omdat de regering verzuimde deze kaderwet in te
vullen met uitvoeringsbesluiten, zijn er mistoestanden ontstaan. Zo heeft de
patiënt geen enkele garantie voor de kwaliteit van de therapeut. Met alle
risico’s van dien. Eerste zitting Tijdens de
eerste zitting bespraken de partijen de conclusietermijnen en stelde de
rechter een pleitdatum vast: 11 december 2009! Dat betekent dat er nu 18
maanden tijd is om de argumentaties voor te bereiden. Ervaring leert dat een
uitspraak er niet zal zijn voor de lente van 2010. Dan kunnen partijen nog in
beroep gaan. “Reken maar op nóg eens vijf jaar”, zucht een teleurgestelde
Grégoire Lason, co-directeur van de IAO en woordvoerder namens de osteopaten,
die de zitting bijwoonde. “Als het de minister van volksgezondheid
onverschillig laat of patiënten gevaar lopen of niet en dus de procedure
uitzit, betekent dat in het slechtste geval uitspraak in 2015. Nóg 7 jaar!
Het betekent ook dat een democratisch tot stand gekomen wet, blijkbaar 16
jaar lang dode letter kan blijven...” Het woord is aan het publiek Maar Grégoire Lason hoopt toch nog op een
goede afloop. “De minister kan morgen al contact opnemen met de osteopaten en
een begin maken van een degelijke regeling. Dan is de hele procedure zo van
de baan. Is dat niet het geval dan kunnen we ons vertrouwen nog stellen in
het publiek. Bij monde van de pers of van de oppositie. Een vraag in het
parlement hierover kan toch niet uitblijven?!” Aldus
nog Grégoire Lason. Meer
info via § The International Academy
of Osteopathy (IAO), Klein Dokkaai 3-5, 9000 Gent, 09 233 04 03,
www.osteopathie.eu § Register voor de
Osteopaten van België (ROB), Fuchsiasstraat 11, 1080 Brussel, 02 414 64 89,
www.osteo-rob.be Woordvoerders § Grégoire Lason,
Co-directeur IAO, lason@osteopathie.eu,
0475 46 35 91 § Philippe Cheval, Voorzitter ROB, philippe.cheval@osteo-rob.be, 0476 40 95 27 Beiden DO-MROB, Bachelor of
Sciences with honours in Osteopathic Medicine (B. Sc. (hons) Ost. Med.) |
30.05.2008 Les
ostéopathes doivent-ils encore attendre 7 ans pour
la concrétisation de leur reconnaissance ? · Grégoire
Lason, Co-directeur IAO (International Academy of Osteopathy), lason@osteopathie.eu, 0475 46 35 91 · Philippe
Cheval, Président ROB (Régistre pour les Ostéopathes en Belgique), philippe.cheval@osteo-rob.be, 0476 40 95 27 |
|
Parlementaire vraag aan minister Onkelinx over erkenning
van osteopaten Gent, 28 juni 2008 - Vlaams
volksvertegenwoordiger en voormalig federaal minister van volksgezondheid Jef
Tavernier (Groen!) signaleerde de parlementaire vraag tijdens zijn toespraak
ter gelegenheid van de proclamatie van de 21ste
lichting afgestudeerden van de International Academy of Osteopathy in Gent. De gastspreker gaf een kort overzicht van de geschiedenis
van de wettelijke erkenning. Die begon met de wet Colla in 1999 die een
registratie van de professionele beoefenaars van de osteopathie in het
vooruitzicht stelde. Als eerste stap tot uitvoering van die wet zorgde Jef Tavernier vervolgens voor de
erkenning van de beroepsverenigingen die deel moesten uitmaken van de
overlegkamers tot verdere normering van het beroep. Dat deed hij tijdens zijn
ambtstermijn in 2002 -2003. Sindsdien daalde een diepe stilte over het
dossier neer. “Stilstaan is achteruitgaan” zei Jef Tavernier. “En dat is onaanvaardbaar.” Dagvaarding
van de Belgische staat Na de dagvaarding ontstond er wat
rumoer rond de erkenning. En op 26 juni 2008 stelde federaal
volksvertegenwoordiger Thérèse Snoy
(Ecolo) haar mondelinge vraag aan minister Onkelinx, verwijzend naar de
dagvaarding. Deze antwoordde dat haar administratie de zaak onderzoekt en dat
de osteopaten eerdaags zullen samengeroepen worden voor overleg. “De recente dagvaarding is een goede
zaak,” meende de volksvertegenwoordiger. “Maar 2010 als termijn voor een
uitspraak is zeer optimistisch en niet realistisch in ons rechtssysteem. Er
zijn dus andere stappen nodig. En daarom is het bijzonder positief dat de minister de
uitspraak blijkbaar niet wenst af te wachten en nu al de nodige stappen wil
zetten. U kunt er haar tijdens de gesprekken wellicht op attent maken dat ze
de toepassing van de wet Colla kan rondkrijgen in het symbolische 10de jubileumjaar van de wet,” besloot Jef
Tavernier. 21ste
lichting osteopaten studeert af aan de IAO Die erkenning hebben de studenten van de International Academy of
Osteopathy (IAO) alvast niet afgewacht. In een volle Lakenhalle van het
Gentse Belfort, proclameerden de Principals van de IAO, Grégoire Lason en Luc Peeters,
hun 21ste diploma-uitreiking. In het gezelschap van vrienden en
familie ontvingen 69 kersverse
promovendi het diploma van osteopaat. Zij waren in de loop van de dag uit heel Europa naar Gent afgezakt
voor het afleggen van de laatste proeven voor een internationale jury van medici en professoren. De geslaagden uit Vlaanderen
(28) Wallonië, Nederland, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en Denemarken
kregen na afloop hun diploma uitgereikt. Primeur: vandaag zwaaiden ook de eerste 18 universitair gediplomeerde osteopaten af uit het fulltime
dagprogramma in Gent, dat uniek is voor het Europese vasteland. Jef
Tavernier, Vlaams volksvertegenwoordiger voor Groen!, Prof. Ian Drysdale, DO-PhD.,
Principal van het BCOM (British College of Osteopathic Medicine), Dr. Johannes Mayer, Duits lid van de
beheerraad van de Osteopathic International Alliance (OIA), Jo Parmentier, vice-voorzitter van het
Register voor de Osteopaten van België (ROB), Principals en Vice-principals
van de IAO woonden de plechtigheid bij. De
IAO sinds 1987 Grégoire Lason, Luc Peeters en Michel Janssens (+) stichtten in 1987 The International Academy of Osteopathy (IAO)
uit onvrede met het bestaande opleidingssysteem in België. Zij konden meteen met vijf studiejaren aan de
slag, omdat de studenten uit de opleiding waar ze in die tijd lesgaven
besloten om voltallig over te gaan naar de nieuwe school. Dat verklaart
waarom de IAO in 1987 al een eindexamenklas had. In het oprichtingsjaar vond
dus ook meteen de eerste proclamatie van nieuwe osteopaten
plaats. The
International Academy of Osteopathy is de enige osteopathieschool op het Europese
vasteland dat een universitair diploma
aflevert volgens het BaMa-systeem. Sinds 1997 werkt de IAO daarvoor samen met
BCOM en de University of Westminster,
waar IAO-afgestudeerden van de modulaire opleiding hun universitaire diploma
behalen. In 2005 kwam er dan de accreditatie van de University of Wales, waardoor ook de afgestudeerden uit de
dagopleiding een universitair diploma kunnen behalen. De school organiseert in Vlaanderen opleidingen in Gent (fulltime en
parttime) en in Antwerpen (parttime). De IAO is verder actief in Wallonië
(Louvain-la-Neuve), Duitsland (12 locaties), Nederland, Denemarken,
Zwitserland en Oostenrijk. Alle info op www.osteopathie.eu. Meer info via §
The
International Academy of Osteopathy (IAO), Klein Dokkaai 3-5, 9000 Gent, 09
233 04 03, www.osteopathie.eu §
Register
voor de Osteopaten van België (ROB), Fuchsiasstraat 11, 1080 Brussel, 02 414
64 89, www.osteo-rob.be Woordvoerders §
Grégoire
Lason, Co-directeur IAO, lason@osteopathie.eu,
0475 46 35 91 §
Philippe
Cheval, Voorzitter ROB, philippe.cheval@osteo-rob.be,
0476 40 95 27 Beiden DO-MROB, Bachelor of Sciences with honours in
Osteopathic Medicine (B. Sc. (hons) Ost. Med.) |
30.06.2008 Question
parlementaire adressée à la ministre Onkelinx sur la reconnaissance des
ostéopathes |
|
|
|