DE ROL VAN HET
POSTCONTRACTIE-FENOMEEN BIJ POSTURALE BALANSVERANDERINGEN BIJ PATIËNTEN MET
LAGE RUGPIJN
Departement
Revalidatiewetenschappen
Faculteit
Lichamelijke Opvoeding en Kinesitherapie K.U.Leuven
Tervuursevest 101
- B-3001 Leuven
E-mail: simon.brumagne@flok.kuleuven.ac.be
ACHTERGROND EN DOELSTELLING.
Een
gewijzigde lumbosacrale proprioceptie1 en posturale balans2
is reeds aangetoond bij patiënten met lage rugpijn (LRP). Paraspinale
spierspasmen worden eveneens regelmatig geobserveerd bij deze patiënten.
Spierspasmen zouden spierspoelinput en dus proprioceptie kunnen beïnvloeden en
vervolgens posturale balans wijzigen. Tonische spieractiviteit kan bij gezonde
personen uitgelokt worden door langdurige isometrische contracties, ook gekend
als “Kohnstamm of post-contractie fenomeen”3,4.
Het doel van deze studie was om na te gaan of
1) de tonische activiteit uitgelokt na langdurige rugspiercontracties de
posturale balans kan wijzigen en of
2) deze wijzigingen gelijkaardig zijn aan de posturale
balansveranderingen geobserveerd bij patiënten met LRP.
RELEVANTIE.
Langdurige veranderde proprioceptieve input veroorzaakt door langdurige
spierspasmen zou de interne representatie van het lichaam kunnen veranderen.
Het onderkennen van dit mechanisme kan een bijdrage leveren tot een verbeterde
preventie en behandeling van rugklachten.
PROEFPERSONEN.
Tien gezonde personen en vijf personen met een geschiedenis van recurrente
LRP zonder beenpijn (Oswestry= 18/100; VASpijn= 6/10) namen deel aan deze
studie. De proefpersonen hadden een gemiddelde fysieke activiteitsniveau
(Baecke= 2.8/5) en hun leeftijd varieerde tussen 18 en 25 jaar.
METHODE.
Posturale balanskarakteristieken werden bepaald in rechtopstaande
houding in verschillende condities:
1) de controle trials bestonden uit ontspannen stand gedurende één
minuut met zicht, zonder zicht, zonder zicht en hoofdrotaties naar links of
rechts;
2) de “Kohnstamm” trials bestonden uit isometrisch voorwaarts buigen met
de romp gedurende één minuut gevolgd door ontspannen stand met hoofdrotaties
naar links of rechts.
De personen met LRP voerden alleen de controle trials uit, hoofdrotaties
inbegrepen.
De “center of pressure” (CoP) verplaatsing werd berekend van de
krachtenplatformdata.
De inclinatie van het lichaam werd geregistreerd door piezoresistieve
electrogoniometers.
De activiteit van romp- en beenspieren werd geregistreerd met
oppervlakte electromyografie.
DATA-ANALYSE.
Beschrijvende statistiek werd berekend. Een variantie-analyse op één
factor werd gebruikt om de verschillen in CoP karakteristieken tussen trials en
tussen gezonde personen en de personen met LRP te evalueren.
RESULTATEN.
De gezonde personen vertoonden geen verschillen in posturale
balanskarakteristieken tijdens de verschillende controle trials (p> 0.05). Echter,
wanneer tonische activiteit was opgewekt in de lumbale multifidus, werden
directionele veranderingen in posturale balans duidelijk bij de gezonde
personen wanneer zij hun hoofd draaiden (p<0.05). Een gelijkaardig posturale
balanspatroon in ontspannen stand werd geobserveerd bij de personen met LRP,
wanneer zij hun hoofd draaiden (zonder experimentele opwekking van het
“Kohnstamm fenomeen”).
CONCLUSIE.
Post-contractieresponsen van de lumbale multifidus induceerden een
directionele wijziging in posturale balans bij gezonde jonge personen, die
duidelijk werd tijdens het uitvoeren van hoofdrotaties. Een veranderde interne
representatie van het lichaam bij personen met LRP, veroorzaakt door langdurige
veranderde lumbosacrale proprioceptieve input op basis van spierspasmen, zou
mogelijks een mechanisme zijn dat leidt tot gelijkaardige directionele
posturale balanskarakterisitieken bij deze patiënten.
REFERENTIES.
1. Brumagne S, Cordo P, Lysens R,
Swinnen S, Verschueren S, 2000, The role of paraspinal muscle spindles in
lumbosacral position sense in individuals with and without low back pain, Spine 25(8):989-994.
2. Mientjes MI, Frank JS, 1999, Balance
in chronic low back pain patients compared to healthy people under various
conditions in upright standing, Clin. Biomech
14:710-716.
3. Kohnstamm O, 1915, Demonstration
einer katatonieartigen erscheinung beim gezunden, Neurol. Zentral 34:290-291.
4. Hagbarth KE, Nordin M, 1998,
Postural after-contractions in man attributed to muscle spindle thixotropy, J. Physiol. 506:875-883.