VERANDERING VAN
BEWEGINGSPATRONEN
BIJ HEUPPROBLEMEN:
DE HEUP SLECHTS ÉÉN DEEL VAN DE KETEN.
Katholieke Universiteit Leuven, Faculteit Lichamelijke Opvoeding en Kinesitherapie, Departement Revalidatiewetenschappen, Tervuursevest 101, B-3001 Leuven
Overbelastingsletsels ter hoogte van de heup- en
lies vormen een belangrijk deel van letsels bij sporters, onder andere bij
sporten zoals atletiek, dans, voetbal en wielrennen.
Indien
patiënten zich aanmelden met een dergelijk letsel, is het van klinisch belang
om voldoende lang stil te staan bij het functioneel actief onderzoek
(dynamische inspectie).
Bij het
aandachtig uitvoeren van het onderzoek vallen vaak veranderde bewegingspatronen
op.
Een
frequent voorkomend afwijkend bewegingspatroon treedt op bij unipodale stand en
voorwaartse pas: adductie en endorotatie van de heup, gecombineerd met een
toegenomen valgisatie van de knie.
Een
mogelijke factor die mee aan de basis kan liggen van dit afwijkend
bewegingspatroon is een verminderde stabiliteit van de heup door een verzwakte
M. gluteus medius, een dominantie van M. tensor fasciae latae, een minder
optimaal werken van M. gluteus maximus en M. vastus medialis.
Een
grondig klinisch onderzoek moet de specifiek bijdragende factoren opsporen.
Voor wat
betreft de revalidatie is het zuiver lokaal behandelen van een
overbelastingsletsel onvoldoende ter preventie van mogelijke recidieven.
De lokale
therapie moet daarom uitgebreid worden met het verhogen van de lumbale
stabiliteit, heup- en kniestabiliteit.
Het
veranderen en optimaliseren van afwijkende bewegingspatronen moet hiervan deel
uitmaken.
Een
typisch voorbeeld zal worden voorgesteld via een casus van een patiënt met
klachten ter hoogte van M. gluteus medius en liesregio.