|
TEN – YEAR
REVIEW OF RATING SCALES. II: SCALES FOR INTERNALISING DISORDERS. Het
artikel geeft een opsomming en bespreking van diverse rating - schalen met
betrekking tot het internaliseren van stoornissen. De
auteurs selecteerden schalen uit verzamelde artikels
in verband met stemming - en angststoornissen bij kinderen en adolescenten
over een periode van vijfentwintig jaar. Ze selecteerden de schalen die het
meest geciteerd werden in de artikels of die een speciaal
vermelding hadden in de literatuur en die voldoende adequate psychometrisch
kwaliteiten bezitten. De
schalen weergegeven in het artikel zijn van het zelfrapporteringstype,
sommigen hebben ook een parallel antwoordformulier voor de ouders, andere
schalen zijn klinisch gericht en bestaan uit een interview. De
schalen worden voorgesteld in twee tabellen. De tabellen geven informatie over
het functioneren van de schalen en hun hanteerbaarheid. In de tabellen worden het aantal items weergegeven, de wijze van antwoorden, de tijdsduur
voor de afname, relevante leefttijdcategorieën en psychometrische
eigenschappen. Daarnaast
brengt de tekst andere relevante onderwerpen naar voor in verband met het functioneren
van de schalen. De
tekst geeft informatie over het ontstaan van de schalen, over de sterke en
zwakke punten binnen elke schaal en interpreteert de psychometrische
eigenschappen. De
tabellen zijn niet louter een samenvatting van de tekst vermits
het gaat om een complexe hoeveelheid van gegevens. De
schalen zijn opgesplitst in de depressie rating – schalen en de angst rating
– schalen, ze zijn voorgesteld in de volgorde van dalende leeftijdrelevantie:
adolescenten, adolescenten en kinderen en kinderen. Uit
het onderzoek blijkt dat de depressie en angst rating - schalen goed
bruikbaar zijn voor het verklaren van geïnternaliseerde psychopathologie bij
jongeren, voor het opstellen van een behandelingsplan en voor de opvolging
van de behandeling.
Daarentegen kunnen ze niet altijd zomaar gebruikt worden. Er moet gereflecteerd worden over het doel
van gebruik, de eigenschappen van de schaal, de kenmerken van het kind of de
doelgroep die onderzocht wordt, zodat de juiste schaal gebruikt wordt in
functie van het aangemelde probleem. Nadelen
van depressie rating – schalen zijn het tekort aan duidelijke
constructvaliditeit en het feit dat sommige schalen heel populair zijn en
daardoor andere minder bekende schalen minder toegankelijk zijn en minder
onderzocht worden naar hun capaciteiten en
eigenschappen. Het daaruit volgende
voordeel is dat die bekende schalen zeer goed gedocumenteerd zijn en er veel
informatie beschikbaar is over hun functioneren en eigenschappen. Verder hebben deze schalen een
parallel antwoordformulier voor ouders en korte formulieren voor follow-up
onderzoek. De
oudere angst rating – schalen hebben eveneens het nadeel dat ze weinig
constructvaliditeit vertonen, maar de nieuwe schalen hebben daar verbetering in gebracht, hebben
een betere constructvaliditeit en zijn beter bruikbaar om
met jongeren te werken. Ze zijn daarentegen
nog niet lang genoeg in gebruik om
definitieve conclusies te trekken over hun geschiktheid en validiteit. De
meeste angstschalen hebben formulieren voor ouders en verkorte versies. De
discriminatiemogelijkheid tussen angststoornissen en depressiestoornissen is
eveneens een positief punt van de angst rating – schalen. Geen
enkele schaal geeft al de gewenste informatie, in het
algemeen zou er telkens meer dan één schaal moeten gebruikt worden om
het internaliseren van stoornissen te evalueren en zo een goed beeld te
krijgen van het probleem van het kind. Het
artikel geeft suggesties voor een goede batterijsamenstelling. Bij de depressieschalen worden de
RADS in combinatie met de RCDS naar voor geschoven en daarnaast de CDRS-R met
de CDI voor werking met een klinische populatie. Als er een keuze moet gemaakt worden
uit de angstschalen wordt er in het artikel voorgesteld om ofwel de MASC of
de SCARED in combinatie met de PARS te gebruiken. Charlotte
VAN DEN DRIES |